Naar inhoud
4 juni 2026

Nieuwe onderzoeksvragen over huiselijk geweld en kinderen: wat weten we nog niet?

Experts zoals Judith Kuypers en Margrite Kalverboer waarschuwen dat het beeld van huiselijk geweld tegen kinderen mogelijk is veranderd en dat nieuw onderzoek en betere registratie nodig zijn om kinderen te vinden en te helpen

Nieuwe onderzoeksvragen over huiselijk geweld en kinderen: wat weten we nog niet?

De afgelopen tien jaar lijken er veranderingen opgetreden te zijn in hoe huiselijk geweld kinderen treft en hoe instanties daarop reageren. Veilig Thuis-adviseur Judith Kuypers zegt dat veel is veranderd en dat dat vraagt om vernieuwde aandacht: welke vormen van huiselijk geweld spelen er nu en hoe groot is het probleem werkelijk? Zij benadrukt dat er dringend nieuw onderzoek nodig is om de actuele omvang en aard van slachtofferschap onder kinderen in kaart te brengen. Tegelijkertijd merken experts dat kinderen zelden uit eigen beweging aankloppen bij hulpverleningspunten, waardoor beeldvorming onvolledig blijft.

Wat leren we uit eerdere onderzoeken

De meest recente grootschalige studie naar schoolgaande kinderen dateert uit 2017. Die analyse concludeerde dat tussen de 90.000 en 120.000 minderjarigen te maken hadden gehad met vormen van huiselijk geweld: van lichamelijke of psychologische mishandeling tot verwaarlozing en opgroeien in een sterk conflictueuze thuissituatie. In praktische termen kwam dat neer op ongeveer één kind per klas dat in aanraking was gekomen met zorgwekkende omstandigheden thuis. Specialisten waarschuwen dat dit cijfer waarschijnlijk een onderschatting is van de werkelijkheid, omdat veel incidenten niet worden gemeld of geregistreerd.

Waarom het lastig is om nieuwe cijfers te krijgen

Onderzoek naar minderjarigen stuit op meerdere belemmeringen. Juridisch en ethisch gezien is er vaak toestemming van ouders nodig om kinderen onder 16 te interviewen, maar die ouders kunnen zelf betrokken zijn bij het aangemelde geweld. Dit maakt representatief en open onderzoek complex en kostbaar. Daarnaast leidt de terughoudendheid van kinderen zelf, die schaamte of angst kunnen voelen, tot onvolledige data. Kosten, privacyvragen en logistieke uitdagingen maken grootschalige herhaling van zulke studies volgens deskundigen niet eenvoudig uitvoerbaar.

Juridische en ethische obstakels

Het vereiste ouderlijke toestemming kan onderzoekers in een spagaat brengen: enerzijds beschermt deze regel minderjarigen, anderzijds belemmert ze het vastleggen van de ervaringen van kinderen die juist thuis niet veilig zijn. Veel organisaties wijzen op de behoefte aan methoden die veilig en betrouwbaar stemmen vastleggen zonder kinderen extra te belasten. Tegelijkertijd vraagt dit om extra middelen en deskundigheid, want kwalitatief goed onderzoek naar kwetsbare doelgroepen vereist zorgvuldige opzet en uitvoering.

Mogelijke oplossingen en beleidsreacties

Sommige betrokkenen pleiten niet alleen voor nieuw onderzoek, maar ook voor betere centrale gegevensverwerking. Margrite Kalverboer, de kinderombudsvrouw, stelt dat een centrale registratie van alle meldingen al veel helderheid zou geven over trends en frequentie van meldingen; zo’n systeem zou signalen kunnen bundelen en patronen blootleggen die nu verloren gaan in losse dossiers. Een dergelijk voorstel roept vragen op over privacy en uitvoering, maar belooft ook een betrouwbaarder beeld van de problematiek.

Praktische focus op opsporen en hulp

De politieke kant van de discussie benadrukt soms een andere prioriteit: directe hulpverlening. Minister Mirjam Sterk (CDA) heeft aangegeven dat beschikbare middelen mogelijk effectiever kunnen worden ingezet door te investeren in het opsporen van kinderen in risicoomgevingen en het bieden van passende hulp. Zij erkent echter dat het exacte aantal slachtoffers lastig vast te stellen is omdat kinderen niet altijd vertellen wat er thuis gebeurt. Dit maakt transparantie over besteding en effect van middelen lastig.

Uiteindelijk komt het debat neer op een afweging tussen meten en handelen. Nieuw onderzoek kan een scherper beeld geven van de omvang en variëteit van huiselijk geweld tegen kinderen, terwijl verbeterde registratie en gerichte hulp interventies kunnen versnellen en verfijnen. Experts en beleidsmakers lijken het erover eens dat een combinatie van betere data, vernieuwde onderzoeksmethoden en praktijkgerichte hulpverlening nodig is om kinderen veiliger te laten opgroeien.

Auteur

Roberto Capelli

Roberto Capelli uit Milaan noteerde de gegevens van een bedrijfsrestaurant tijdens een onderzoek naar werkmaaltijden; dat epidemiologische blikveld bepaalde zijn redactionele koers, gericht op weloverwogen voedingskeuzes. Op de redactie pleit hij voor wetenschappelijke duidelijkheid en bewaart hij handgeschreven lichte recepten.