Nederland staat voor een groeiende demografische druk en een steeds duurder infrastructuuronderhoud. Tegelijkertijd laat de productiviteit van de economie een onverwachte sprong zien: 2,4% in 2025 en 2,5% in 2026, de hoogste groei in twee decennia. Deze cijfers lijken een medicijn te zijn voor de toenemende begrotingskloof, maar de politieke reactie blijft terughoudend.
Productiviteit stijgt, maar de toon blijft sober
De cijfers laten zich niet negeren. Desondanks omschreef de VVD-minister van Financiën, Eelco Heinen, de ontwikkeling in de Tweede Kamer als “nauwelijks groei”. Zijn oordeel weerspiegelt een bredere terughoudendheid: de recente toename volgt op een periode waarin de productiviteit na de energiecrisis van 2022 zelfs dalde. Tijdens die jaren bleef de werkgelegenheid stijgen, maar de output niet, omdat bedrijven – geconfronteerd met een krappe arbeidsmarkt – personeel langer vasthielden. Het gevolg was een stagnerende output per werknemer.
Het CPB signaleert nu een ommekeer: hogere lonen en een verminderde vraag naar bijkomend personeel lijken de productiviteit te stimuleren. Directeur Pieter Hasekamp noemt de cijfers “aardig”, maar waarschuwt dat het nog te vroeg is om definitieve conclusies te trekken.
Belemmeringen voor innovatie en de rol van kunstmatige intelligentie
Ondanks de groei vertoont het Nederlandse bedrijfsleven een afnemende dynamiek. Creatieve destructie – het proces waarbij verouderde bedrijven plaatsmaken voor nieuwere – vertraagt. Uit onderzoeken van het CPB en De Nederlandsche Bank blijkt dat kapitaal en arbeid steeds vaker vasthouden bij minder productieve ondernemingen. Hierdoor gaat er potentieel groeikapitaal verloren.
Een nieuwe motor voor efficiëntie staat echter klaar: kunstmatige intelligentie (AI). Hoogleraar Robert Inklaar benadrukt dat het niet de eigen AI-modellen zijn die de productiviteit laten stijgen, maar het vermogen van bedrijven om AI in de dagelijkse processen te integreren. Volgens hem levert dit “meer welvaart” op, zelfs zonder de enorme waardes van Amerikaanse tech-reuzen.
Inktlaar waarschuwt echter tegen overmatig overheidsingrijpen. De coronacrisis liet zien dat langdurige steun aan minder rendabele bedrijven de productiviteit juist kan ondermijnen. Concurrentie, zowel binnen Europa als van buitenaf, dwingt bedrijven tot innovatie – een strategie die door de Raad van State als essentieel wordt gezien.
Raad van State waarschuwt: plannen blijven op papier
De recent gepresenteerde Miljoenennota bevat een uitgebreide inventarisatie van de economische uitdagingen: vergrijzing, stagnerende productiviteit en geopolitieke onzekerheden. De Raad van State prijst de fiscale discipline – het begrotingsgat blijft onder drie procent en de staatsschuld onder de zestig procent – maar stelt dat de “boekhoudkundige” oplossingen weinig bijdragen aan structurele groei.
Belangrijkste kritiekpunten zijn onder meer uitgestelde hervormingen in de zorg en sociale zekerheid, en een uitstel van cruciale klimaatmaatregelen. De Raad stelt dat het verhogen van de arbeidsongeschiktheidspremie om defensie te financieren, een “oneigenlijk gebruik” is en uiteindelijk door werkenden wordt gedragen.
De Raad van State vreest dat dit onevenwicht van lasten ten koste gaat van toekomstige generaties en pleit voor duidelijke keuzes, bijvoorbeeld over de toekomstige industriële strategie.
De boodschap is duidelijk: hogere productiviteitscijfers bieden een kans, maar zonder gerichte beleidskeuzes blijven de financiële uitdagingen hardnekkig. Het debat in de Algemene Politieke Beschouwingen zal bepalen of de Nederlandse regering de aanbevelingen van de Raad van State omzet in concrete maatregelen.



