Naar inhoud
10 juli 2026

Ontdekt: Nederland leverde grondstoffen voor Iraakse chemische wapens

Journalisten ontdekten dat de Nederlandse overheid meer wist over Iraakse gifgasplannen dan bekend was en de Tweede Kamer onvolledig informeerde.

Ontdekt: Nederland leverde grondstoffen voor Iraakse chemische wapens

Een recent onderzoek van journalisten Teun Dominicus en Harm Ede Botje van Follow the Money onthult schokkende details over de rol van Nederland in de levering van chemische grondstoffen aan Irak tijdens de jaren 80. De Nederlandse overheid beschikte over gedetailleerde informatie over de Iraakse plannen met gifgas, maar liet chemische bedrijven toch grondstoffen leveren. Bovendien informeerde de regering de Tweede Kamer onjuist en onvolledig over deze kwestie.

In 1984 stelde de VN-Veiligheidsraad vast dat Irak chemische wapens inzette in de oorlog tegen Iran. Als reactie hierop maakten Europese landen, op initiatief van de Verenigde Staten, lijsten van grondstoffen die niet aan Irak geleverd mochten worden. Staatssecretaris Bolkestein van Economische Zaken wist de lijst van twintig chemicaliën terug te brengen tot elf stoffen, met het argument dat anders het Nederlandse bedrijfsleven te veel schade zou lijden.

Nederlandse bedrijven leverden verboden stoffen

Uit archiefstukken van diverse ministeries en inlichtingendiensten blijkt dat de overheid veel meer wist over de Iraakse plannen en de betrokkenheid van Nederlandse bedrijven dan tot nu toe bekend was. De Inlichtingendienst van de Landmacht meldde kort na de totstandkoming van de lijst van elf stoffen dat de Nederlandse bedrijven KBS Holland en Melchemie aan Irak chemicaliën leverden voor chemische wapens.

Een van die stoffen was dimethylamine een essentiële component voor de productie van zenuwgassen. TNO had voor deze stof gewaarschuwd, maar Bolkestein had hem van de lijst af weten te krijgen. De Verenigde Staten riepen alle NAVO-landen op de levering van deze stof te staken, maar Nederland deed dat niet. Nog tot mei 1985 ging maandelijks 10 tot 20 ton dimethylamine van KBS Holland in Terneuzen naar Irak. Pas toen KBS Holland zelf was gewaarschuwd besloot het bedrijf vrijwillig af te zien van de levering van de stof.

Gifgasaanval op Halabje

In 1988 zette Irak mosterdgas en zenuwgassen in tegen de eigen bevolking. Bij een aanval op de Koerdisch-Iraakse stad Halabje vielen 5000 doden. TNO achtte de kans groot dat voor de productie van de gifgassen de stof calciumhypochloriet was gebruikt, waarvan Nederlandse bedrijven in de maanden daarvoor ‘enkele tientallen tonnen’ naar Irak hadden gestuurd. Deze stof stond niet op de lijst van verboden stoffen, omdat hij ook gebruikt kan worden voor vreedzame doelen, zoals het schoonmaken van zwembaden. Maar voor het maken van gifgassen was dit ontsmettingsmiddel wel essentieel.

Tweede Kamer jarenlang voorgelogen

De zaak van de levering van stoffen aan Irak kwam in 2004 weer in de belangstelling door de zaak tegen de gifgashandelaar Frans van Anraat, die in de jaren 1980 verboden chemicaliën voor de productie van gifgas leverde aan Irak. Naar aanleiding van deze zaak stelde SP-Kamerlid Van Velzen in de jaren 2005-2008 tientallen Kamervragen. De antwoorden die de ministers Donner (Justitie) en Bot (Buitenlandse Zaken) gaven waren volgens Follow the Money verhullend en misleidend.

Donner schreef dat KBS Holland ‘nimmer voorwerp van strafrechtelijk onderzoek was geweest’, maar liet hij achterwege dat de Binnenlandse Veiligheidsdienst het bedrijf wel in de gaten hield en dat er verschillende onderzoeken naar het bedrijf waren gedaan. Op verschillende vragen over de levering van de stof thionylchloride – een stof die essentieel is voor het maken van mosterdgas – door het bedrijf Melchemie gaven Donner en Bot nietszeggende antwoorden. Maar volgens Follow the Money wisten ze uit interne stukken dat Melchemie willens en wetens doorging met de levering van deze stof, die pas in 1987 op de lijst van verboden stoffen was gekomen.

De betrokken ministeries gaan niet of nauwelijks in op vragen over de kwestie van Follow the Money. Hoogleraar staatsrecht Wim Voermans zegt dat het van belang is dat ‘hier ook na al die jaren alsnog een parlementaire enquête over komt’.

Auteur

Sanne Van Dijk

Sanne Van Dijk (47) uit Eindhoven schrijft vanuit een klassiek-elegante blik lange portretten over stad en sociale verandering. Een keer volgde ze twee uur lang een oud-stadsarchitect in het Van Abbemuseum en bouwde daar een verhaal omheen. Ze benadrukt menselijke nuance boven snelle headlines en speelt piano bij lokale buurtconcerten.