In 2026 zijn er negen nieuwe gevallen van het westnijlvirus in Nederland vastgesteld, meldt het RIVM. Dit brengt het totale aantal besmettingen dit jaar op achttien. Het virus, dat wordt overgedragen door huissteekmuggen kan ernstige gezondheidsproblemen veroorzaken, vooral bij oudere mensen en mensen met een verzwakt immuunsysteem.
Het westnijlvirus is een mugoverdraagbare ziekte die vooral bij vogels voorkomt. Mensen en andere zoogdieren kunnen besmet raken wanneer ze worden gestoken door een mug die het virus draagt. Het virus kan niet direct van mens tot mens worden overgedragen, maar kan wel via bloedtransfusies worden verspreid.
Verspreiding en risico’s van het westnijlvirus
Het westnijlvirus is in augustus 2020 voor het eerst in Nederland vastgesteld, zowel bij vogels als bij mensen. Sindsdien is het virus regelmatig bij mensen, paarden en vogels aangetroffen. In 2026 zijn er al drie mensen overleden aan de gevolgen van het virus, allemaal ouder dan 75 jaar met een onderliggende aandoening.
Volgens het RIVM heeft ongeveer 80% van de mensen die besmet raken geen klachten. Zo’n 19% krijgt griepachtige klachten, zoals koorts, spierpijn en hoofdpijn. Bij ongeveer 1% van de besmette mensen ontstaan neurologische klachten, zoals verwardheid en verlamming. Oudere mensen en mensen met een verzwakt immuunsysteem hebben een grotere kans op ernstige gezondheidsproblemen.
Hoe verspreidt het westnijlvirus zich?
Het westnijlvirus wordt voornamelijk overgedragen door de huissteekmug (Culex pipiens), een van de meest voorkomende muggen in Nederland. Deze muggen raken besmet wanneer ze een besmette vogel bijten. Vervolgens kunnen ze het virus overdragen op andere vogels, zoogdieren en mensen.
Onderzoekers van Sanquin Research en Wageningen Bioveterinary Research houden de verspreiding van het virus in de gaten door vogels en muggen te vangen en te onderzoeken. In 2026 zijn er al vijf paarden, zes vogels en twee muggen met het virus aangetroffen.
Klimaatverandering en het westnijlvirus
Door de klimaatverandering worden muggen die het westnijlvirus kunnen overdragen steeds noordelijker waargenomen. Zo zijn in Nederland al de gelekoortsmug en de Aziatische tijgermug gespot, die eerder vooral in Afrika en Azië voorkwamen. Deze muggen kunnen ook andere ziekten overdragen, zoals denguechikungunya en het zikavirus.
Volgens hoogleraar Sander Koenraadt van de Universiteit van Wageningen is de kans groot dat het westnijlvirus zich in Nederland heeft gevestigd. Genetisch onderzoek heeft aangetoond dat het virus dat in 2026 bij een zanglijster werd gevonden nauw verwant is aan het virus dat vorig jaar in muggen en vogels werd aangetroffen.
Wat kun je zelf doen om besmetting te voorkomen?
De huissteekmug legt haar eitjes in stilstaand water zoals regentonnen, gieters en bloempotten. Om de verspreiding van het virus te voorkomen, is het belangrijk om deze bronnen van stilstaand water te verwijderen of goed af te sluiten.
Er is momenteel geen vaccin beschikbaar voor mensen, maar voor paarden is er wel een effectief vaccin. Het RIVM raadt mensen aan om muggenbeten te voorkomen door het dragen van lange kleding en het gebruik van muggenwerend middel, vooral tijdens het buiten zijn in de avond- en nachturen.
Hoewel de impact op de volksgezondheid nu nog laag is, waarschuwt Koenraadt voor de opkomst van mugoverdraagbare ziekten. ‘De impact op de volksgezondheid is nu nog laag, maar mugoverdraagbare ziekten zijn sterk in opkomst. In Zuid-Europa komen al flinke uitbraken voor en dat klimaat hebben we mogelijk over een paar jaar in Noord-Europa.’



