Naar inhoud
4 juni 2026

Rechter wijst op heropening gesprek na klachten tegen waarnemend huisarts in Gouda

De rechter in Den Haag oordeelt dat Huisartsenpost Midden-Holland onzorgvuldig handelde en dat er opnieuw overleg moet komen met de waarnemend huisarts voordat er een definitief besluit volgt

Rechter wijst op heropening gesprek na klachten tegen waarnemend huisarts in Gouda

In Gouda is een geschil ontstaan rond een waarnemend huisarts van de Huisartsenpost Midden-Holland. De arts, werkzaam sinds 2026, kreeg begin 2026 de eerste meldingen over vermeend grensoverschrijdend gedrag en later zouden er in 2026 opnieuw klachten zijn gekomen. Na die laatste meldingen werd de arts in maart plotseling uit het rooster gehaald en formeel op non‑actief gesteld; de huisartsenpost gaf aan het contract te willen beëindigen. De zaak leidde tot een kort geding bij de rechtbank in Den Haag.

De arts ontkent de aantijgingen en stelt dat uitspraken uit hun context zijn gehaald. Tijdens het gesprek waarin zijn dienstverband ter sprake kwam, zegt hij geen serieuze mogelijkheid te hebben gekregen om zich te verdedigen. Zijn advocaat vroeg om onmiddellijke terugkeer, maar de rechter zag aanleiding om de handelwijze van de huisartsenpost kritisch te beoordelen. De uitspraak draait niet om onmiddellijke herplaatsting, maar om de vraag of partijen alsnog in dialoog moeten en welke voorwaarden daarbij horen.

Wat er is gemeld en hoe de huisartsenpost reageerde

Volgens de huisartsenpost gingen meldingen over seksueel getinte opmerkingen en communicatie die een onveilig werkklimaat kon veroorzaken. De organisatie stelt dat er meerdere signalen binnenkwamen, zowel van collega’s als van een patiënt, en dat die meldingen reden waren om diensten te herschikken zodat collega’s de diensten van de betrokken arts konden overnemen. De huisartsenpost heeft aangegeven dat enkele uitspraken ontoelaatbaar werden gevonden en daarom werd gekozen voor een snelle maatregel. Tegelijkertijd blijkt uit de rechtbankstukken dat de administratie en onderbouwing van die stappen onvoldoende gedocumenteerd waren.

Klagen, anonieme meldingen en de directe maatregel

De meldingen omvatten anonieme signalen en concrete uitspraken die collega’s hadden ervaren als grensoverschrijdend. De organisatiestructuur van een huisartsenpost vereist volgens de leiding vaak directe actie om de continuïteit van zorg te waarborgen, maar de rechter merkte op dat er een jaar lang weinig of geen bestuurlijke opvolging had plaatsgevonden na de eerste signalen in 2026. Het plotselinge besluit in maart om de arts uit het rooster te halen bleek juridisch kwetsbaar omdat er geen consistente stappenlijst of dossiervorming was gevolgd; dat noemde de rechtbank een onzorgvuldige procedure.

De uitspraak van de rechtbank en de redenering

De rechtbank in Den Haag concludeerde dat de huisartsenpost onvoldoende zorgvuldig heeft gehandeld bij de besluitvorming over het dienstverband. De rechter wees erop dat je een werknemer niet abrupt kunt ontslaan of definitief op non‑actief kunt zetten nadat er langdurig niets is ondernomen. Tegelijkertijd erkende de rechter de ernst van de meldingen: er kwamen signalen uit verschillende hoeken, wat reden geeft tot zorg. De balans tussen zorgvuldigheid in procedure en bescherming van collega’s en patiënten speelde een centrale rol in de uitspraak.

Geen directe terugkeer maar wel een tweede kans

De rechter gaf expliciet aan dat de arts niet onmiddellijk weer aan het werk hoeft te gaan; er liggen te veel meldingen die eerst onderzocht moeten worden. Tegelijkertijd zei de rechter: “Ik vind dat u een tweede kans verdient”. Er werd bepaald dat partijen binnen zes weken, met betrokkenheid van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en andere relevante instanties, moeten nagaan of er afspraken mogelijk zijn over gedrag, samenwerking en een veilige werkomgeving. De uitspraak legt daarmee de nadruk op herstel en nazorg, niet op onherroepelijke straf.

Gevolgen voor de praktijk en mogelijke vervolgstappen

Voor de Huisartsenpost Midden-Holland betekent de uitspraak dat beleid en dossieropbouw kritisch moeten worden herzien. Werkgevers in de zorg moeten volgens de rechtbank duidelijke procedures hebben voor meldingen, vastlegging en hoor‑ en wederhoor. Voor de betrokken arts geldt dat eerst afspraken over gedragsaanpassingen, toezicht en begeleiding moeten worden gemaakt voordat een terugkeer kan plaatsvinden. De mogelijke routes zijn mediation, een door de Inspectie begeleid traject of een definitieve juridische uitspraak als partijen er niet uitkomen. Het vonnis benadrukt dat zowel veiligheid op de werkvloer als procedurele rechtvaardigheid moeten worden gegarandeerd.

Auteur

Linda Pellegrini

Linda Pellegrini bracht vanuit Genova verslag uit over de herbestemming van het voormalige havengebied en ging het gemeentehuis binnen voor een beslissend interview; is hoofdredacteur met verantwoordelijkheid voor historische rubrieken en brengt in de redactie onderzoeksvoorstellen over lokaal geheugen. Afgestudeerd aan de Università di Genova, behoudt ze een archief van oude stadsfoto's.