Een recent mediaonderzoek bracht aan het licht dat enkele rugchirurgen in Vlaanderen mogelijk patiënten te snel opereren, soms zelfs zonder een volledig lichamelijk onderzoek uit te voeren. De reportage van Pano toont hoe sommige artsen al na korte consulten of alleen op basis van scans tot een ingreep aanbevelen. De onthullingen roepen vragen op over de kwaliteit van de patiëntenzorg, de controle in ziekenhuizen en de invloed van financiële belangen op medische beslissingen.
Specialisten zoals professor Bart Morlion van het UZ Leuven horen wekelijks patiënten die ondergingen wat zij als onnodige ingrepen beschouwen. Morlion noemt het «crimineel» wanneer een ingreep wordt voorgesteld zonder grondig onderzoek. Tegelijk benadrukken collega’s dat het om een kleine minderheid lijkt te gaan; de meerderheid van de chirurgen zou handelen uit medische overtuiging en niet uit winstbejag.
Wat onthulde het onderzoek van Pano
Het onderzoek combineerde getuigenissen van tientallen patiënten, anonieme verklaringen van artsen en een ondercover-consult. In dat consult ging een journalist, die zich voordeed als patiënt met rugpijn, op consultatie bij een chirurg die door collega’s als te snel opererend werd bestempeld. De arts bleef achter zijn bureau zitten en sprak meteen over het plaatsen van schroeven, zonder een grondig lichamelijk onderzoek uit te voeren. Een andere specialist vond na een volledig onderzoek dat een operatie weinig zou toevoegen en raadde die af.
Undercoverconsult en contra-expertise
Het contrast tussen beide consulten illustreert het kernprobleem: sommige chirurgen lijken beslissingen te baseren op beelden of eigen referentiekaders zonder fysieke beoordeling. De contra-expertise van een andere rugchirurg, die wél een lichamelijk onderzoek uitvoerde, maakte duidelijk dat het medische nut van de voorgestelde ingreep soms gering is. Patiënten vertellen ook dat ze bang werden gemaakt om sneller voor een operatie te kiezen, wat de machtsevenwicht tussen arts en patiënt verstoort.
Financiële prikkels en alternatieve behandelingen
Nog een punt van zorg is de populariteit van zogenoemde prikbehandelingen voor rugpijn. Een grote overzichtsstudie gepubliceerd in het BMJ in 2026 concludeerde dat er weinig bewijs is voor langdurige voordelen van veel van deze injecties bij chronische lage rugpijn. Ondanks dat blijven injecties en andere procedures zich verspreiden, deels omdat ze voor artsen financieel aantrekkelijker zijn: een consult brengt rond de 33 euro op, terwijl injectiebehandelingen veel meer kunnen opleveren.
Debat over effectiviteit
Sommige behandelaars vinden dat de 2026-studie te algemeen is en verschillende technieken en patiëntgroepen samenvoegt, waardoor nuttige niches verloren gaan. Toch waarschuwen pijnspecialisten dat de reflex om snel te prikken of te opereren de neiging heeft om overmatig toegepast te worden, met beperkte bewijsbasis voor langdurig effect.
Gevolgen voor patiënten en reacties van ziekenhuizen
Voor patiënten kunnen onnodige operaties verstrekkende gevolgen hebben: mislukte ingrepen leiden soms tot blijvende pijn, beperkingen in het dagelijks leven en psychisch lijden. Getroffenen beschrijven dat hun leven na een onterechte ingreep totaal veranderde. Tegelijkertijd melden betrokken ziekenhuizen dat zij geen aanwijzingen zien voor structurele problemen. In enkele gevallen zijn individuele artsen al (tijdelijk) niet meer in België actief en zetten ziekenhuizen intern onderzoeken op om procedures te verbeteren.
Aanbevelingen en vervolgstappen
De reportage en reacties wijzen op meerdere actiepunten: betere transparantie over indicaties, strengere controles op medische beslissingen, en voorlichting van patiënten over alternatieven. Experts pleiten ook voor duidelijke registraties per arts (niet alleen per ziekenhuis) zodat uitzonderingen sneller zichtbaar worden. Tot slot is er de oproep om financiële prikkels die behandelkeuzes kunnen beïnvloeden kritisch te evalueren.
Slotgedachte
Het onderzoek van Pano zet een kleine maar belangrijke groep praktijken in de schijnwerpers en benadrukt het belang van een zorgsysteem waarbij patiëntveiligheid en bewijsgebaseerde zorg primeren op financiële motieven. Patiënten en beleidsmakers worden uitgedaagd om waakzaam te blijven en te werken aan systemen die onnodige schade voorkomen.