Naar inhoud
24 juni 2026

Margrite Kalverboer over de impact van coronamaatregelen op kinderen

Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer spreekt haar verbazing uit over hoe kinderen tijdens de coronacrisis zijn vergeten. Ontdek hoe de belangen van kinderen aan de kant zijn geschoven.

Margrite Kalverboer over de impact van coronamaatregelen op kinderen

Tijdens de coronapandemie zijn de rechten van kinderen zoals het recht op ontwikkeling, gelijke behandeling, onderwijs en bescherming tegen mishandeling, ernstig geschonden. Hun belangen werden niet serieus meegewogen in het coronabeleid van de regering. Dit zei Margrite Kalverboer de Kinderombudsvrouw tijdens haar verhoor door de parlementaire enquêtecommissie corona.

Kalverboer, die sinds 2016 de functie van Kinderombudsman vervult, vertelde dat ze tijdens de hele coronaperiode nooit door het kabinet of de Tweede Kamer is gevraagd om advies. Ze benadrukte dat kinderen niet voorop stonden, maar dat ook de Kinderombudsman niet serieus werd genomen. Deze verwaarlozing had ernstige gevolgen voor verschillende groepen kinderen.

De onmacht van de Kinderombudsman

De enquêtecommissie vroeg aan Kalverboer of zij niet zelf meer aan de bel had moeten trekken bij de regering. Kalverboer aarzelde en verklaarde dat haar positie als lid van het Hoog College van Staat een onafhankelijk instituut, haar in een lastige situatie plaatste. Ze zei: “Ik denk niet dat ik te bescheiden ben geweest, ik ben te onmachtig geweest.”

Tijdens de pandemie stuurde Kalverboer diverse brieven aan toenmalig minister-president Rutte de ministers van Onderwijs en de minister van Justitie. Ze schreef ook opiniestukken in kranten en verscheen regelmatig in de media. Haar waarschuwingen betroffen onder andere kinderen die thuis in een onveilige situatie leefden of die hun ouders niet meer mochten zien omdat ze in een instelling woonden. Ook benadrukte ze dat er groepen waren voor wie de scholensluiting juist fijn was, zoals thuiszitters die ineens online onderwijs kregen.

Op deze brieven kreeg zij in de meeste gevallen geen reactie. Ze voelde zich onmachtig omdat haar waarschuwingen niet leken te worden gehoord. Ook de Tweede Kamer, die zij onder meer eigen onderzoek naar het welbevinden van kinderen stuurde, liet niets van zich horen. Media leken eveneens niet geïnteresseerd in hoe het ging met kinderen. Kalverboer zei: “Kinderen zijn nooit serieus genomen.”

Het gebrek aan differentiatie in het beleid

Kalverboer onderzocht tijdens de eerste lockdown, in het voorjaar van 2026, hoe het met kinderen ging. Meer dan vijfhonderd kinderen vulden een online vragenlijst in. Daaruit bleek dat de impact sterk verschilde per groep. Kinderen die zich thuis veilig voelden en die hulp kregen van hun ouders bij het schoolwerk lieten weten dat ze door de rust die er ineens was minder last hadden van stress. Met kinderen die opgroeiden in een minder veilige situatie, ging het veel minder goed.

Toch golden in die periode voor alle kinderen dezelfde regels. Kalverboer had graag gezien dat er tijdens de coronaperiode meer onderzoek was gedaan naar kinderen, zodat de keuzes in het beleid meer gedifferentieerd waren per groep. Ze attendeerde de enquêtecommissie erop dat er geen structureel onderzoek wordt gedaan naar het welzijn van kinderen in Nederland en raadde aan dat wel op te zetten. De overheid had ook bij elk besluit over het coronabeleid moeten toetsen of de rechten van kinderen niet in het geding waren. Dit is nooit gedaan, zei Kalverboer.

De impact op verschillende leeftijdsgroepen

Volgens Kalverboer hebben de coronamaatregelen niet op alle leeftijdsgroepen evenveel impact gehad. Veel basisschoolleerlingen gaven in haar onderzoeken aan het fijn te vinden om thuis te zijn bij hun ouders, althans de kinderen die in een veilige situatie leefden. Vooral middelbare scholieren hadden er last van. Zij misten vooral het sociale contact met vrienden, wat belangrijk was voor hun ontwikkeling. Het was beter geweest als zij eerder naar school terug hadden mogen gaan, in plaats van leerlingen op de basisschool.

Ook mbo’ers hadden het moeilijk. Het praktijkonderwijs viel grotendeels weg, waardoor zij ineens lange dagen voor een scherm moesten zitten en alleen theoretisch onderwijs kregen. Kalverboer zei: “Wij hadden in Nederland moeten zeggen: onderwijs blijft open en we zorgen ervoor dat degenen die onderwijs geven beschermd zijn. Die keuze is niet gemaakt.”

Voor de toekomst adviseerde zij om nieuw overheidsbeleid voortaan altijd te toetsen aan de kinderrechten, om kinderen zelf te betrekken bij besluitvorming en om vooraf beter in kaart te brengen welke groepen kwetsbaar te zijn.

Auteur

Femke Boer

Femke Boer werkt al tien jaar als nieuwsredacteur, voornamelijk over politiek en sociale onderwerpen in Nederland en de EU.