De Belgische marine heeft in een interne analyse een duidelijke voorkeur ontwikkeld: het Italiaanse FREMM EVO–frigaat. Volgens een recent ingezonden request for information (RFI) in juli 2026 ontvangen de autoriteiten drie veelbelovende reacties, waarvan twee uit Italië en één uit Frankrijk/Spanje. De drie schepen uit Italië passen perfect binnen het vastgestelde budget van 3,2 miljard euro en kunnen volgens de bouwer Fincantieri al in 2030 in de vloot worden geïntegreerd.
De Italiaanse FREMM EVO als meest kansrijke kandidaat
De FREMM EVO weegt circa 6.700 ton, waardoor zij de zwaarste van de drie voorgestelde ontwerpen is. Het model biedt twee hangars – één voor de NH-90-helikopter en een tweede die geschikt is voor onbemande watersystemen – en heeft 32 lanceercellen voor luchtverdedigingsraketten. Cruciale onderzeeërbestrijdingscapaciteit wordt gegarandeerd door een geavanceerde sleepsonar en een gelaagde verdediging tegen drones, ontwikkeld door de Italo-Britse defensiegroep Leonardo. Italië heeft reeds twee van deze schepen besteld en levert er een derde in 2030, waarna elke zes maanden een nieuw stuk volgt.
Waarom het Nederlandse gezamenlijke project onder druk staat
In besloten België en Nederland gezamenlijk vier frigaten aan te schaffen, later uitgebreid tot zes. Het Nederlandse bedrijf Damen zou het ontwerp leveren, met een oorspronkelijke leveringsdatum van. Inmiddels is er nog geen definitief detailontwerp beschikbaar, de kosten per schip zijn gestegen van ongeveer 600 miljoen euro naar bijna 1 miljard euro, en de leveringsgarantie blijft uit. De verouderde Belgische schepen zijn bijna onbruikbaar, waardoor een snelle vervanging cruciaal is. Minister van Defensie Theo Francken startte in juli een nieuwe marktbevraging om alternatieven te vinden die niet alleen betaalbaar maar ook tijdig leverbaar zijn.
Belangrijke selectiecriteria en de huidige shortlist
Voor België wegen drie hoofdparameters zwaar: leveringstermijn -2030 – anders dreigt een opleidingsachterstand voor nieuwe marinesoldaten; capaciteiten en groeipotentieel met name effectief jagen op onderzeeërs, het kunnen dragen van torpedo’s, de NH-90 en ruimte voor toekomstige onbemande systemen; en het budget van 3,2 mrd euro. Na onderzoek van elf mogelijke kandidaten leverden vijf offertes, waarvan de Italiaanse, Franse (FDI) en Spaanse (F110) verschoven. De Franse FDI, met een tonnage van 4.500, voldoet aan 95 % van de eisen maar kan geen betrouwbare leveringsdatum vóór 2030 garanderen. De Spaanse F110, 6.100 ton zwaar, mist een bewezen staat van dienst en heeft eveneens onzekerheden rondom levering.
Politieke impuls en Europese dimensie
Begin september ontmoetten premier Bart de Wever en Italiaanse premier Giorgia Meloni elkaar in Rome. Hoewel er geen concrete prijsonderhandelingen plaatsvonden, versterkte de politieke klik de kans op een Italiaanse deal en creëerde een Europese schaalgrootte: Portugal bestelt eveneens FREMM EVO-schepen, waardoor de productiekosten mogelijk dalen. De Italiaanse ambassade in België onderzoekt op dit moment hoe Belgische bedrijven bij het langdurige onderhoud van de schepen kunnen worden betrokken.
Mocht België zich definitief losmaken van het gezamenlijke project met Nederland, dan zou een directe aankoop bij Italië een snelle en consistente vervanging van de verouderde vloot verzekeren, zonder extra kosten voor reeds geïnvesteerde sensoren die nu in opslag liggen.



