Naar inhoud
16 augustus 2026

Droogte en klimaatverandering: Nederland zoekt oplossingen voor zoetwatervraagstukken

Nederland staat voor grote uitdagingen door de toenemende droogte en klimaatverandering, wat de beschikbaarheid van zoet water bedreigt. Ontdek hoe waterschappen en andere organisaties proberen om te gaan met deze problemen.

Droogte en klimaatverandering: Nederland zoekt oplossingen voor zoetwatervraagstukken

Nederland staat voor een serieuze uitdaging. Door de klimaatverandering en periodes van droogte beschikt het land over steeds minder zoet water. Dit is een zorgelijk probleem met het oog op de toekomst. Waterschappen nemen extra maatregelen om natuur en landbouw te beschermen, maar er is meer nodig.

De uitdaging van schaars Rijnwater in droge periodes zal de komende decennia alleen maar groter worden. Dit blijkt uit recent onderzoek van het Deltaprogramma, dat plannen maakt om ons hierop voor te bereiden. In dit onderzoek staat dat de zevendaagse minimumafvoer ’s zomers bij Lobith in het jaar 2100 door klimaatverandering 10 tot zelfs 30 procent lager kan liggen.

De impact van klimaatverandering op de Rijn

De machtige Rijn, een levensader voor Nederland, wordt steeds meer beïnvloed door de klimaatverandering. Saskia van Vuren, rivierdeskundige van de staf van de Deltacommissaris, benadrukt dat Nederland rekening moet houden met lagere rivierafvoeren. Dit is niet alleen een probleem voor Nederland, maar ook voor de buurlanden in het bovenstroomse deel van het Rijnstroomgebied.

Als Duitsland of Zwitserland bijvoorbeeld maximaal water gaan vasthouden in tijden van droogte, wordt dat in Nederland direct gevoeld. Het is nog moeilijk in kaart te brengen hoe groot het effect van dit ingrijpen zal zijn, maar Nederland moet er rekening mee houden dat er gevolgen zullen zijn voor de beschikbaarheid van zoet water.

Internationale samenwerking voor waterbeheer

De Unie van Waterschappen heeft onlangs een oproep gedaan om internationale afspraken over de waterverdeling te maken met landen in het hele stroomgebied van rivieren. Dit is in lijn met eerdere rapportages van het Deltaprogramma. Van Vuren benadrukt dat er voor hoogwater al behoorlijk stevige afspraken bestaan, maar dat er ook voor laagwater dergelijke afspraken moeten worden gemaakt.

Ze benadrukt dat dit ook in het belang is van de Duitsers, waar de economische verliezen bij eerdere laagwaters het grootst waren. Ook op het gebied van kennisdeling tussen landen is er volgens haar nog een wereld te winnen. Jeroen Haan, voorzitter van de Unie van Waterschappen, reageert dat er in Brussel meer aandacht is voor klimaatverandering, klimaatadaptatie en water, maar dat niet al het beleid werkt de goede kant op om klimaatverandering af te remmen.

Regionale maatregelen en innovatieve oplossingen

Behalve de landelijke aanpak hebben met name waterschappen een overweldigende hoeveelheid regionale maatregelen genomen die de schade moeten beperken. Het waterschap Amstel, Gooi en Vecht pompt bijvoorbeeld tijdelijk extra zoet water vanuit het Markermeer naar de Vecht. Verschillende waterschappen hebben sluizen gesloten en noodbuffers gevuld met water.

In Zeeland wordt er geëxperimenteerd met een ‘zoete stuw’ om zout water af te voeren en zoet water binnen de polders te houden. Op Schouwen-Duiveland bekleedt het waterschap slootbodems met een dikke laag klei als innovatieve maatregel tegen verzilting. Deze maatregelen hebben de effecten van de huidige droogte verzacht, maar deze niet kunnen voorkomen.

Een ingrijpende aanpak van bijvoorbeeld de Rijn is volgens velen wenselijk. Dijkgraaf Hein Pieper van Rijn en IJssel bepleit een ‘bredere’ aanpak: ‘Denk aan het hele stroomgebied van de Rijn, met alle landen. Een Europees project om van de Rijn de eerste klimaatadaptieve rivier ter wereld te maken.’

Maarten Kleinhans, hoogleraar ‘zand en water’ aan de Universiteit Utrecht, ziet wel wat in het ondieper maken van de Nieuwe Waterweg. Door het permanent uitbaggeren van deze vaarweg tussen Hoek van Holland en Rotterdam komt er nu veel meer zout binnen dan gewenst. Hij bepleit verder een ‘veel steviger klimaatbeleid’, want: ‘voorkomen is beter dan genezen.’

Bram Smit
Auteur

Bram Smit

Bram Smit volgt politiek Den Haag sinds twee verkiezingen. Schrijft over wetstrajecten, coalitiebesprekingen en EU-dossiers met technische precisie.