De politieke formatie kreeg een onverwachte wending toen Nathalie van Berkel, beoogd staatssecretaris van Financiën namens D66, besloot zich terug te trekken uit het benoemingsproces. In een bericht aan de formateur maakte ze kenbaar dat de discussie over haar opleidingsachtergrond de aandacht van het werk van het toekomstige kabinet zou afleiden.
Op 16 februari 2026 deelde Van Berkel zelf haar beslissing via sociale media en aan betrokken partijleiders.
De kern van de controverse betroffen de manier waarop opleidingen in haar cv waren gepresenteerd. Media en partijen wezen erop dat onderdelen van haar studiegeschiedenis leken te suggereren dat ze universitaire masters had gevolgd, terwijl het dossier in werkelijkheid neerkwam op een hbo-propedeuse in bestuurskunde en onafgemaakte studie-onderdelen rechten aan de Erasmus Universiteit.
Van Berkel gaf later aan dat sommige formuleringen helderder hadden kunnen zijn en dat het nooit haar intentie was geweest om feiten verkeerd weer te geven.
Wat er precies aan de hand was
Volgens publicaties had Van Berkel op haar openbare cv vermeldingen die bij lezing de indruk konden wekken van een voltooid universitair traject, onder meer een verwijzing naar bestuurskunde aan de Universiteit Leiden.
Feitelijk blijkt uit documenten en verklaringen dat zij losse schakelvakken heeft gevolgd en dat sommige studies niet zijn afgerond. Dit verschil tussen verwachting en onderbouwing bracht journalisten en politieke tegenstanders ertoe om vragen te stellen over de betrouwbaarheid van de opgegeven diensten en titels.
Rol van selectieprocedures en communicatie
De procedure die Van Berkel eerder naar bestuurlijke posities bracht, liep via de ABD, het wervingsorgaan voor hogere functies bij de rijksoverheid. Die organisatie vraagt kandidaten niet structureel om diploma’s aan te leveren; wel worden persberichten over benoemingen aan betrokkenen voorgelegd.
In dat voorgelegde bericht stond een vermelding van studies aan de Universiteit Leiden, een passage die Van Berkel na ontvangst niet corrigeerde. Het UWV, waar Van Berkel tot voor kort in het bestuur zat, benadrukte dat zij in officiële publicaties nooit met academische titels is opgesierd.
Reacties en politieke gevolgen
Van Berkel schreef aan de formateur en de partij dat het haar zwaar viel om zich terug te trekken en dat ze zich juist had willen inzetten voor een regering die meer voor mensen werkt. Ze gaf aan dat het nooit haar bedoeling was een onjuiste voorstelling van zaken te geven en dat zij spijt heeft over de ontstane beeldvorming. D66 gaf aan dat ze Van Berkel als een kundig bestuurder ziet, maar erkende dat bepaalde vermeldingen op haar cv achteraf duidelijker hadden kunnen worden geformuleerd.
Vergelijkingen met eerdere affaires
De discussie over onjuiste of onduidelijke cv-gegevens roept herinneringen op aan eerdere politieke affaires waarin onjuiste titelvoeringen leidden tot snelle aftredingen. In deze zaak werd door commentatoren gewezen op de gevoeligheid rond geloofwaardigheid en transparantie bij kandidaatstellingsprocedures, zeker wanneer het gaat om financiële of bestuurlijke portefeuilles. Partijen en formateurs voelen doorgaans weinig ruimte voor tegenstrijdige of onduidelijke informatie gedurende de afronding van een kabinetssamenstelling.
Wat dit betekent voor de formatie en vervolgstappen
Praktisch gezien betekent Van Berkel’s terugtreden dat D66 en de formateur nieuwe kandidaten moeten zoeken voor de rol van staatssecretaris Financiën. De partij staat voor de vraag hoe zij selectieprocedures en cv-controle strikter wil inrichten om herhaling te voorkomen. Daarnaast zal de kwestie intern worden besproken: hoe transparant moeten kandidaten zijn, welke vormen van verificatie zijn nodig en welke verantwoordelijkheid heeft een kandidaat na het aanleveren van persinformatie die niet helemaal klopt?
Voor politici en ambtelijke selectiebureaus vormt dit incident opnieuw een aansporing tot zorgvuldigheid bij het vastleggen van curricula vitae. De publieke verwachting is helder: profileer je opleiding accuraat en wees kordaat bij correcties. Van Berkel zelf formuleerde een persoonlijke spijtbetuiging en trekt zich terug om verdere schaduw op het formatieproces te voorkomen.
Die ogenschijnlijke nuance maakte in de politieke arena desalniettemin het verschil tussen doorgaan en terugtrekken.