Op de avond voor de opening van de jaarlijkse Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York groeit de zorg rondom het Internationaal Strafhof (ICC). President Donald Trump heeft aangekondigd dat de VS extra sancties zullen opleggen, een stap die het functioneren van het hof ernstig kan ondermijnen. Nederlandse premier Mark Rutte en minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen staan in de menigte, klaar om de dreiging te weerleggen.
De aanleiding voor de escalatie is de uitspraak van het ICC dat een arrestatiebevel uitvaardigt tegen de Israëlische premier Benjamin Netanyahu en een onderzoek opent naar vermeende oorlogsmisdaden door Amerikaanse militairen in Afghanistan. Voor de Amerikaanse president betekent dat een aantasting van de nationale soevereiniteit, waardoor hij met harde maatregelen reageert. Tot nu toe zijn individuele rechters en de hoofdaanklager al onder vingerafdruk gezet; nu dreigt een bredere blokkade van het instituut zelf.
Amerikaanse sancties raken de kern van het ICC
De eerste ronde van Amerikaanse sancties richtte zich op personen: rechters, aanklagers en ondersteunend personeel werden hun Visa ontnomen en hun bankrekeningen bevroren. De gevolgen zijn concreet: medewerkers kunnen geen toegang meer krijgen tot essentiële Amerikaanse software voor e-mail en betalingsverkeer, waardoor zelfs eenvoudige administratieve handelingen onhaalbaar worden. Volgens Kamerlid Kati Piri (PvdA) zou een volledige institutionele sanctie het ICC feitelijk “de facto buiten werking” zetten, een scenario waarbij het gebouw blijft bestaan maar er geen gerechtelijke procedures meer kunnen plaatsvinden.
De Tweede Kamer heeft reeds in april een motie aangenomen die een zogenaamde blocking statute oproept – een Europese wetgeving die bedrijven verbiedt Amerikaanse sancties te respecteren. Hoewel de maatregel nog niet in werking is getreden, staat er een duidelijke politieke wil achter. Partijen D66 en PvdA dringen aan op een Europees tegenwicht, terwijl andere EU-lidstaten nog terughoudend zijn.
De Nederlandse reactie: diplomatie achter de schermen
Minister Tom Berendsen heeft herhaaldelijk benadrukt dat Nederland inzet op “stille diplomatie”. In gesprekken met andere VN-delegaties zoekt hij bondgenoten die zich, ondanks amerikaanse druk, niet van het ICC afkeren. Hij noemt het essentieel dat landen zich gesteund voelen door een gezamenlijk front, zodat geen enkele staat ondervindt dat ze “alleen staan”. Het doel is om de integriteit van het gerechtshof te waarborgen zonder een openlijke confrontatie met Washington te riskeren.
Op nationaal niveau heeft de burgemeester van Den Haag, Jan van Zanen, laten weten dat de stad haar eigen verantwoordelijkheid neemt en de bijna 900 ICC-medewerkers niet in de kou laat staan. Hij onderstreept dat het internationale karakter van de stad, waar het hof is gevestigd, geen kwaadwillende sancties kan verdragen zonder de lokale economie en het imago van Den Haag te schaden.
Europese dimensie en de weg vooruit
De Europese Unie heeft nog geen definitief standpunt ingenomen over de invoering van een continentale blocking statute. Wel hebben België en Spanje hun steun uitgesproken, maar verder blijft het discours stil. Volgens parlementariër Hanneke van der Werf (D66) moet Nederland als gastland van het hof het voortouw nemen; alleen dan zal de EU collectief de nodige juridische instrumenten kunnen ontwikkelen. “Als wij niet het voorbeeld geven, zal niemand anders de stap durven zetten,” stelt ze.
Ondertussen blijft de VS achter de schermen druk uitoefenen op NAVO-bondgenoten, waarbij ze proberen leden te laten aftreden uit het ICC. De Amerikaanse ambassadeur in Den Haag heeft recent nog een waarschuwing geuit dat verdere samenwerking met het hof economische repercussies kan hebben. Voor Nederland betekent dit een delicate balans: enerzijds de plicht om het internationale recht te beschermen, anderzijds de noodzaak om strategische relaties met de VS te behouden.
De komende dagen in New York zullen duidelijk maken of de diplomatieke inspanningen van Berendsen en andere Europese ministers voldoende gewicht krijgen om de dreigende sancties te temperen. Het plotse vertrek van Trump met een reeks “anti-ICC-maatregelen” zou een breuk betekenen met de lange traditie van internationale samenwerking, iets waar de Nederlandse regering zich volgens eigen woorden “steeds voor heeft ingezet”.



