Agaath Witteman, een iconische figuur in het Nederlandse theater, is op vrijdag 5 juni op 84-jarige leeftijd overleden in haar woonplaats Breukelen. Geboren in 1942 in Oegstgeest, groeide Witteman op in een anarchistisch-katholiek gezin dat haar vroege verzetshouding vormgaf. Haar academische achtergrond, met studies in Romaanse talen, kunstgeschiedenis, theaterwetenschap en klassieke archeologie, legde de basis voor haar unieke benadering van het theater.
In februari van dit jaar werd bij Witteman een hersentumor vastgesteld, maar ze bleef tot het einde toe actief in haar passie voor het theater. Haar carrière was een weerspiegeling van haar politieke engagement en wetenschappelijke diepgang, waarbij ze altijd streed voor sociale actualiteit en feministische waarden.
Agaath Witteman: Een leven in het teken van verzet en feminisme
Witteman begon haar carrière als studentenregisseur en bouwde snel een reputatie op als een regisseur die niet bang was om dwarse standpunten in te nemen. Haar werk bij het politiek geëngageerde gezelschap Sater in de jaren tachtig was een weerspiegeling van haar verzetshouding. In 1983 richtte ze samen met anderen Theater Persona op, een gezelschap met een duidelijk feministische signatuur.
Haar regies bij Theater van het Oosten, waar ze van 1988 tot 1993 artistiek leider was, toonden haar diepe inzichten in klassieke tragedies. Ze brak met traditionele opvattingen en gaf de zusters in Tsjechovs Drie Zusters een nieuwe, krachtigere interpretatie. Voor Witteman was feminisme een hartstocht, een heilig geloofzoals ze benadrukte toen ze het stuk regisseerde.
Wetenschappelijke benadering en sociale actualiteit
Witteman was niet alleen een regisseur, maar ook een politica en wetenschapper. Van 2003 tot 2007 zat ze namens de Partij van de Arbeid in de Eerste Kamer, waar ze zich specialiseerde in onderwijs en cultuur. Ze was ook bijzonder hoogleraar Grieks theater en cultuur aan de Katholieke Universiteit van Nijmegen van 1991 tot 1993.
Haar regies kenmerkten zich door een stevige wetenschappelijke basis en een focus op sociale actualiteit. Ze koppelde klassieke tragedies zoals Elektra (1993) en Antigone (2026) expliciet aan hedendaagse machtsverhoudingen. In haar regie van Antigone verbond ze de voorstelling met de wereld van nu, met een machthebber als Poetin die trekken vertoonde van de tirannieke koning Creon.
Familie en de laatste regie
Privé was Witteman sinds 1962 getrouwd met acteur en regisseur Hans Croiset. Samen hadden ze drie kinderen, waaronder Julien Croiset, die in verschillende producties van zijn moeder speelde. Een van haar latere regies was Beneden de rivieren (2026), waarin ze zowel haar echtgenoot als zoon regisseerde. Dit stuk was een pure, zuivere voorstelling over dood en leven na de dood.
Haar laatste regie was Shakespeares Hamletdie op 21 maart 2026 in première ging bij haar eigen gezelschap, Studio Antigone. In deze indringende, sober en in het rouwzwart uitgevoerde versie speelde haar zoon Julien de titelrol en haar echtgenoot Hans Croiset de stem van Hamlets vermoorde vader. Met Studio Antigone gaf Witteman jonge spelers kansen en schiep ze haar eigen toneelfamilie.
Agaath Witteman’s nalatenschap is die van een geleerde regisseur met een scherp politiek en feministisch oog, die klassiek repertoire leefbaar en actueel hield. Ze zag het theater altijd als een middel om de werkelijkheid van nu te laten ervaren.



