Nieuwe Brusselse regering onder leiding van Boris Dilliès: prioriteiten en uitdagingen

Op 14 februari trad Boris Dilliès (MR) aan als nieuwe minister-president van de Brusselse Gewestregering, na een formatie van 614 dagen. De coalitie omvat MR, PS, Les Engagés, Groen, Anders, Vooruit en CD&V. Deze regering start met ambitieuze plannen, maar ook met een krap tijdsvenster en interne spanningen die de uitvoering kunnen beïnvloeden.

De ambities van het kabinet richten zich op concrete dossiers: ruimtelijke ordening, mobiliteit, economie, sociale zorg en veiligheid.

Tegelijkertijd wegen politieke tegenstand binnen administratiecircuits en publieke controverse rond de profiel van de nieuwe minister-president zwaar op de verwachtingen.

Coalitie en bestuurlijke context

De nieuwe meerderheid brengt partijen samen uit zowel de Franstalige als de Nederlandstalige traditie, wat in Brussel geen vanzelfsprekendheid is.

De samenstelling van de regering reflecteert een evenwicht tussen liberale en progressieve agenda's. Bovendien zetten de partners de toon op meertalig bestuur: Dilliès benadrukte dat het recht op dienstverlening in de eigen taal een fundamenteel principe is voor de hoofdstad.

Formatie en urgentie

Na meer dan 600 dagen politieke impasse moet het kabinet veel actie versnellen. Dilliès roept op tot resultaatgerichtheid: er zijn ongeveer 1.200 dagen voor de regeringsperiode om het volledige programma uit te voeren en aantoonbare resultaten te leveren.

Die tijdsdruk beïnvloedt prioritering en politieke tactiek: snelle maatregelen krijgen vaak de voorkeur boven langlopende hervormingen.

Prioriteitsprogramma van de regering

Het regeerakkoord zet concrete maatregelen op de agenda. Op het vlak van huisvesting wil de regering vergunningprocedures versnellen, leegstaande kantoorgebouwen omvormen tot woningen en investeren in sociaal patrimonium.

Tegelijk staat mobiliteit centraal: een nieuw plan streeft naar een integrale aanpak voor alle modaliteiten, met extra middelen voor de MIVB en betere afstemming van parkeerbeleid met Vlaanderen en Wallonië.

Economische en sociale ambities

Economisch wil de coalitie belastingdruk en administratieve rompslomp verminderen, speciale economische zones invoeren en gericht buitenlandse investeringen aantrekken, met nadruk op kunstmatige intelligentie als groeisector. Op werkgebied is er een expliciet doel: een arbeidsdeelname van 70% tegen 2030, ondersteund door banen, stages en opleidingsroutes die snel beschikbaar moeten zijn voor werkzoekenden.

Beheer van veiligheid en bestuurlijke capaciteit

Veiligheid is een topprioriteit: gerichte interventies rond grote stations, benoeming van commissarissen voor drugsbestrijding en speciale brigades voor stedelijke netheid staan op het programma. Maar naast beleidsmaatregelen speelt de samenstelling van de kabinetten een cruciale rol. Ministers hebben sterke chefs de kabinetten nodig die dossiers technocratisch beheersen en politiek gewicht kunnen opbouwen binnen de administratie.

Interne tegenkrachten en politieke realiteit

Het MR keert na twee decennia terug in het Brusselse bestuur en treft een bestuurscultuur aan waarin loyale netwerken van andere partijen langdurig aanwezig zijn. Dat vergroot het belang van ervaren en goed verbonden kabinetsleden die kunnen omgaan met zowel ambtelijke weerstanden als strategische onderhandelingen met coalitiepartners zoals PS en Groen.

Controverse rond profiel en legitimiteit

Boris Dilliès is sterk geworteld in Uccle en wordt zowel geprezen om zijn politieke carrière als bekritiseerd vanwege handelen in lokale dossiers. Beschuldigingen en publieke debatten over optredens bij betogingen en beslissingen in Uccle hebben geleid tot spanningen met bepaalde burgergroepen en rechtenorganisaties. Die controverse kan het draagvlak van de regering beïnvloeden en vraagt om een communicatiestrategie die vertrouwen herstelt.

Vooruitblik en toetsstenen

De nieuwe regering moet nu haar beloften omzetten in maatregelen: snelle stappen in huisvesting, mobiliteit, werk en zorg zijn nodig om de geloofwaardigheid te consolideren. Daarnaast is het selecteren van capabele kabinetschefs en het beheren van interne coalitiedynamiek even belangrijk als beleidsinhoud. Succes zal afhangen van de combinatie van politiek leiderschap, technische uitvoering en het vermogen om publieke controverse te temperen.

Terwijl Brussel de komende jaren voor complexe uitdagingen staat, blijft de centrale vraag of deze brede coalitie in staat is om binnen het strakke tijdskader van de regeerperiode tastbare verbeteringen te realiseren. Voor veel burgers zal het antwoord zich in concrete veranderingen in de stad aftekenen: betere woningen, vlottere mobiliteit en toegankelijke diensten in de eigen taal.

Plaats een reactie