Naar inhoud
5 oktober 2026

Nederlandse jurist benoemd tot minister in omstreden Sudanese regering

Een RSF-topfunctionaris infiltreerde een vredespanel in Den Haag en een Nederlandse jurist kreeg een ministerpost in een omstreden Sudanese regering.

Nederlandse jurist benoemd tot minister in omstreden Sudanese regering

In het laatste kwartaal van 2024 vond een vredesconferentie plaats in een gebouw van de Erasmus Universiteit in Den Haag. Terwijl delegaties uit diverse landen bijeenkwamen, kwam er een onverwachte gast: Algoney Dagalo, de jongere broer van de RSF-leider Hemedti. Hij betrad het podium onder de naam Ahmed Musa een identiteit die later als valse alias werd onthuld.

De onthulling van een verboden deelnemer

Dagalo, een sleutelfiguur binnen de paramilitaire Rapid Support Forces (RSF) is onder meer verantwoordelijk voor de aanschaf van wapens die tegen de burgerbevolking werden ingezet. Op het moment van zijn bezoek stond hij op een Amerikaanse sanctielijst vanwege deze activiteiten. De The Hague Peace Project verklaarde pas tijdens het evenement dat de deelnemer een persoon was die op die sanctielijst stond, waarna de organisatie de ware identiteit ontdekte.

Na de ontdekking werd duidelijk dat de man eerder in Genève was geweest, waardoor hij geen visum voor Nederland hoefde aan te vragen. Hij arriveerde met een drie jaar geldig multi-entry visum, waarmee hij vrijelijk de Schengenzone kon betreden. Het Ministerie van Buitenlandse Zaken meldde dat er geen arrestatiebevel of inreisverbod bestond, waardoor de autoriteiten op dat moment geen aanwijzing hadden om de politie of het ministerie van Justitie te informeren.

Reacties vanuit de academische en diplomatieke wereld

De ontdekking leidde tot heftige reacties. Anette Hoffmann van het Clingendael Instituut noemde de situatie “enorm problematisch” en benadrukte dat het platform onbedoeld propaganda van de RSF had verstrekt. Ruard Ganzevoort, rector van het International Institute of Social Studies, stelde dat “zij zetten zich in voor het goede en daar is misbruik van gemaakt”. Hij voegde daaraan toe: “Deze persoon was niet welkom geweest in ons gebouw als we het hadden geweten.”

De RSF is al meer dan drie jaar verwikkeld in een gewapend conflict met het Sudanese leger (SAF). Beide partijen worden beschuldigd van oorlogsmisdaden; volgens de VN vertoont het geweld van de paramilitairen kenmerken van genocide. Het incident benadrukte hoe de aanwezigheid van een verboden RSF-functionaris in Nederland de getroffen Sudanese gemeenschap in rep en roer bracht.

Parallelle regering: een Nederlandse jurist in een omstreden rol

Terwijl de controverse rond Dagalo zich afspeelde, kwam een tweede opmerkelijke ontwikkeling naar voren: Osama Said, een jurist met een Nederlands paspoort, werd benoemd tot minister van Justitie in de door de RSF opgerichte parallelle regering, ook wel de Tasis-coalitie genoemd. De regering wordt internationaal niet erkend; de Verenigde Naties hebben de opkomst van deze structuur bestempeld als een directe bedreiging voor de territoriale integriteit van Sudan.

Said, die al geruime tijd actief is in de Sudanese politiek, bevestigde zijn benoeming en gaf aan dat hij dit op vrijwillige basis doe vanuit Nederland. Zijn doel, zo omschreven, is “met één doel: het leed van de Sudanezen verlichten”. Hij stelt dat hij wil bijdragen aan vrede en dat de alternatieve regering “nog volop in opbouw” is, terwijl hij de schendingen van burgerrechten door zowel de RSF als het SAF categorisch afwijst.

De benoeming van een Nederlander in een dergelijke functie onderstreept de complexe verwevenheid van Nederlandse burgers met de gewapende conflicten in Sudan. Het feit dat zowel een RSF-commandant als een Nederlandse jurist zich aan deze dynamiek verbonden zien, werpt vragen op over de controle, transparantie en de rol van Nederland in internationale vredes- en mensenrechtenvraagstukken.

Eva Hendrix
Auteur

Eva Hendrix

Eva Hendrix volgt cultuur, entertainment en sociale trends. Eerder als freelancer voor lifestyle-platforms, nu nieuwsredacteur met focus op de Gen-Z lezer.