De Verenigde Naties hebben een verontrustend rapport gepubliceerd over de situatie in Myanmar. In de periode tussen augustus vorig jaar en januari dit jaar heeft het Myanmarese leger meer dan 700 burgerdoden veroorzaakt. De humanitaire crisis in het land wordt verder verergerd door afnemende internationale hulp en militaire blokkades.
Het rapport van de VN benadrukt dat de meeste burgerdoden, zeker 476, het gevolg zijn van luchtaanvallen. Onder de slachtoffers zijn ook veel vrouwen en kinderen. Een van de meest verontrustende incidenten vond plaats in oktober vorig jaar, toen het leger een boeddhistisch festival aanviel, waarbij tientallen doden vielen. In december werd een theehuis gebombardeerd terwijl mensen een voetbalwedstrijd keken, waarbij negentien mensen omkwamen en twintig anderen gewond raakten.
Verkiezingen onder militaire controle
Tijdens de periode die het rapport bestrijkt, werden verkiezingen gehouden onder toezicht van het leger. Deze verkiezingen werden echter breedweg beschouwd als oneerlijk en niet-vrij. Veel mensen konden niet stemmen vanwege de jarenlange burgeroorlog, en belangrijke oppositiepartijen werden uitgesloten. De USDP een partij gesteund door het leger, kwam als winnaar uit de bus. In april dit jaar werd de voormalige junta-leider Min Aung Hlaing benoemd tot president.
Humanitaire hulp in gevaar
De afname van internationale hulp verergert de situatie voor miljoenen Myanmarezen. Er is gekort op hulp aan ontheemdenonderwijsinitiatieven en psychosociale hulp. In sommige gevallen is deze hulp zelfs volledig stopgezet. Volker Türk, de VN-commissaris voor de mensenrechten, waarschuwt dat de bevolking van Myanmar lijkt te zijn vergeten door de buitenwereld.
“Alsof de bevolking van Myanmar nog niet genoeg heeft geleden onder het militaire regime, lijkt het er nu op dat ze door de buitenwereld in de vergetelheid is geraakt,” zegt Türk. Hij roept de internationale gemeenschap op zichzelf te bekijken en te vragen of ze de bevolking van Myanmar opnieuw in de steek zullen laten. “Het antwoord moet ‘nee’ zijn,” aldus Türk.
Vijf jaar na de staatsgreep
In 2026 pleegde het leger in Myanmar een staatsgreep en arresteerde de toenmalige leider Aung San Suu Kyi. Haar partij werd opgeheven en zijzelf kreeg meerdere celstraffen opgelegd. Sindsdien woedt er een burgeroorlog in het land. De junta treedt hard op tegen het verzet en bombardeert burgerdoelen om de bevolking af te schrikken en samenwerking met verzetsgroepen te voorkomen.
De situatie in Myanmar blijft kritiek, met miljoenen mensen die lijden onder geweld en een gebrek aan Humanitaire hulp. De internationale gemeenschap wordt opgeroepen om actie te ondernemen en de bevolking van Myanmar niet in de steek te laten.



