De herfst brengt al enige tijd een substantiële stijging in het aantal mensen met luchtwegklachten. Ondanks de afwezigheid van een griepepidemie, melden huisartsen een toename van klachten die passen bij zowel het rhinovirus als bij coronavirus. Naast verkoudheidsverschijnselen en koorts melden enkele patiënten zelfs spier- of gewrichtspijn, een symptoom dat vaker geassocieerd wordt met virale infecties dan met de gewone verkoudheid.
Terwijl mensen zich afvragen welke virusstammen zich momenteel het sterkst verspreiden, leveren monsters van het RIVM een helder plaatje. Het onderzoek van de nationale surveillancedienst toont een duidelijke dominantie van het rhinovirus, terwijl sporadische vondsten van adenovirus en enterovirus het virologische landschap verder verrijken.
Coronavirus in Leuvense rioolwater: recordhoogte gemeten
In de afgelopen twaalf maanden is in het rioolwater van Leuven de hoogste concentratie van SARS-CoV-2 geregistreerd. Virologe Elke Wollants van het Rega-instituut aan de KU Leuven legt uit dat deze piek duidt op een hernieuwde en intensieve circulatie van het virus in de bevolking. De metingen, uitgevoerd door welgestelde laboratoria, tonen aan dat de virusdeeltjesconcentratie nu hoger is dan gedurende de volledige voorgaande jaarperiode.
Wollants waarschuwt dat een dergelijke toename in de afvoer niet alleen een laboratoriumstatistiek is, maar een signaal dat de transmissie onder de inwoners weer op gang is gekomen. Zij wijst erop dat rioleringsdata een vroegtijdige indicator kunnen vormen voor lokale uitbraken, omdat ze de totale virusbelasting van een bevolking weerspiegelen, los van individuele testresultaten.
Andere luchtwegvirussen stijgen: rhinovirus en meer
Parallel aan de toename van coronadeeltjes in het riool, meldt het RIVM dat het rhinovirus momenteel de meest voorkomende veroorzaker is van luchtwegklachten. Deze bevinding wordt bevestigd door meerdere zorgorganisaties die de toename van verkoudheidsachtige symptomen registreren. Naast het rhinovirus werden enkele gevallen van adenovirus en enterovirus gedetecteerd, wat aangeeft dat er een diversiteit aan virussen circuleert.
Hoewel COVID-19 nog steeds in de routine-monsters van huisartsen wordt opgespoord, blijft de prevalentie laag: volgens de Infectieradar treft het slechts één op de duizend getestte personen. Dit contrast tussen een recordhoogte in de riolering en een bescheiden klinische incidentie benadrukt de complexiteit van virusdetectie en de noodzaak om meerdere databronnen te combineren voor een volledig beeld.



