In Nederland bestaat een regeling waarmee mensen zonder geldige zorgverzekering toch medische hulp kunnen krijgen doordat zorgverleners kosten kunnen declareren bij het Centraal Administratie Kantoor (CAK). Deze mogelijkheid geldt voor uiteenlopende groepen, van toeristen tot mensen zonder verblijfsstatus en daklozen.
In de praktijk blijkt echter dat veel potentiële patiënten niet worden geholpen; hoewel de financiële route bestaat, slagen organisaties en instellingen er niet altijd in om de hulp daadwerkelijk te leveren. Dat leidt ertoe dat kwetsbare groepen buiten de zorg blijven vallen ondanks formele rechten.
Waarom de regeling onvoldoende bereikt wat deze belooft
Er zijn meerdere redenen waarom de CAK-regeling niet automatisch leidt tot betere toegang. Ten eerste ontbreekt het aan kennis binnen instellingen: receptionisten, administratief personeel en soms zelfs medische teams zijn niet altijd op de hoogte van de vergoedingsprocedure.
Daarnaast spelen bureaucratische drempels en vooroordelen een rol; sommige afdelingen mijden de extra administratieve last of schatten risico’s verkeerd in. Sophie van Dongen van het Erasmus MC wees er in berichtgeving door Rijnmond op dat de regelgeving veel administratieve hobbels kent en dat niet alle medewerkers goed geïnformeerd zijn, wat zorgvragen blokkeert.
De aanbevelingen van de IGJ voor betere bereikbaarheid
De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) signaleert dat tienduizenden mensen in Nederland onvoldoende toegang tot zorg hebben. Om dit te verbeteren raadt de inspectie concrete stappen aan: zorginstellingen moeten al het personeel, ook bij de balie, actief informeren over de rechten van onverzekerden, en er moet structurele samenwerking ontstaan tussen zorgaanbieders, gemeenten, sociale organisaties en vrijwilligersinitiatieven.
Alleen door lokale netwerken en heldere interne procedures kunnen mensen effectief naar de juiste hulp worden geleid. Voor vragen of meldingen is het meldpunt van de IGJ bereikbaar via 088-120 50 00, waar signalen over onveilige of ontoegankelijke zorg kunnen worden gemeld.
De vrees voor een ‘prikkel tot onverzekerdheid’
Een terugkerend argument binnen ziekenhuizen is de angst dat bekendheid met vergoedingsmogelijkheden mensen zou kunnen aanzetten om bewust geen verzekering te nemen, omdat zij verwachten dat zorg toch vergoed wordt. Deze zorg om een zogenoemd aanzuigeffect beïnvloedt soms het beleid van instellingen en leidt ertoe dat medewerkers terughoudend communiceren over rechten van onverzekerden. Die afschrikking werkt paradoxaal: de bedoeling van de regeling is juist om acute en noodzakelijke zorg bereikbaar te houden, maar onnodige terughoudendheid zorgt ervoor dat juist de meest kwetsbaren niet geholpen worden.
Praktische maatregelen die zorginstellingen kunnen nemen
Concrete verbeterpunten zijn haalbaar en hoeven niet ingewikkeld te zijn. Zorginstellingen kunnen beginnen met korte, verplichte instructies voor balie- en administratief personeel over het declaratieproces bij het CAK en met standaardwerkprocessen die de extra administratie beperken. Daarnaast helpt het om lokale afspraken te maken met gemeenten en sociale organisaties zodat mensen zonder vaste verblijfplaats of papieren snel worden doorverwezen. Het claimen van vergoedingen bij het CAK dekt in de meeste gevallen bijna alle zorg die onder de basisverzekering valt, waardoor financiële barrières voor zorgverleners veel kleiner worden dan gedacht.
IGJ als toezichthouder en een recent voorbeeld
De IGJ bewaakt niet alleen kwaliteit en veiligheid, maar geeft ook richting aan systeemverbetering. De inspectie is geen klachtenloket voor individuele compensatie, maar gebruikt meldingen om patronen te ontdekken en beleid aan te scherpen. Een illustrerend voorbeeld van toetsing en opvolging is WoonZorgZeeland: nadat in het najaar van 2026 ernstige tekortkomingen werden vastgesteld, volgde een aanwijzing met een cliëntenstop; op 24 maart 2026 meldde de IGJ dat voldoende verbeteringen waren doorgevoerd en dat de aanwijzing kon worden opgeheven. Zulke casussen laten zien dat toezicht en verbetering samen kunnen werken om kwaliteit te herstellen en toegankelijkheid te verbeteren.
Samengevat: de financiële route via het CAK bestaat en kan vrijwel alle zorg onder de basisverzekering vergoeden, maar zonder heldere interne procedures, goede voorlichting aan frontlijnpersoneel en lokale samenwerking blijft die regeling vaak dode letter. De oproep van de IGJ is duidelijk: train alle medewerkers, werk samen met gemeenten en maatschappelijke partners en gebruik meldingen om knelpunten weg te nemen. Alleen dan kunnen mensen zonder verzekering daadwerkelijk de zorg krijgen waar ze recht op hebben. Voor signalen en vragen kunt u terecht bij de IGJ via 088-120 50 00.