Een serieuze zorg voor 20.000 kinderen in asielopvang dreigt te ontstaan vanwege een overgangsprobleem in de gezondheidszorg. Vanaf oktober is het onduidelijk wie verantwoordelijk is voor de zorg van deze kwetsbare kinderen, totdat een nieuwe organisatie de zorg op 1 juni overneemt.
De kinderombudsmannen van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Nijmegen en Groningen hebben hun zorgen geuit over deze situatie. Zij eisen duidelijkheid van het kabinet en het COA over de verantwoordelijkheid voor de zorg tijdens deze overgangsperiode.
Overgangsprobleem in de gezondheidszorg
Het huidige contract tussen het COA en GGD GHOR loopt op 1 oktober af. De nieuwe samenwerking tussen Arts en Zorg en Gezondheidszorg Asielzoekers (GZA) neemt de zorg pas op 1 juni over. Dit betekent dat er acht maanden lang onduidelijkheid bestaat over wie verantwoordelijk is voor de zorg van deze kinderen.
De zorg omvat onder meer vaccinaties en het signaleren van lichamelijke, psychische en ontwikkelingsproblemen. Een onderbreking in deze zorg kan leiden tot gemiste aandoeningen, een lagere vaccinatiegraad en een grotere kans op infectie-uitbraken. De kinderen vormen een kwetsbare groep, onder meer door trauma, onzekerheid en veelvuldige verhuizingen.
Ernstige schending van kinderrechten
De kinderombudsmannen spreken van een ernstige schending van kinderrechten. Zij willen vóór oktober een heldere aanwijzing over de organisatie die tijdens de overgang aanspreekbaar is. Ook vragen zij om een kinderrechtentoets naar de gevolgen van het besluit en om onderzoek naar een mogelijke wetswijziging.
De waarschuwing volgt op eerdere signalen van onder meer jeugdartsen, GGD’en en volksvertegenwoordigers. In Amsterdam kwamen de kwetsbare omstandigheden van kinderen in opvanglocaties al vaker naar voren. Op het cruiseschip MS Galaxy werden minderjarigen in 2026 naar andere locaties verhuisd vanwege ongeschikte omstandigheden.
Kwetsbare omstandigheden in asielopvang
In een noodopvang aan de Hogehilweg verbleven later nog ruim honderd kinderen, terwijl Save the Children die plek ongeschikt vond door het ontbreken van een veilige speelruimte en de blootstelling aan incidenten. Ook veel verhuizingen hebben de medische begeleiding daar eerder bemoeilijkt, aldus het COA.
De kinderombudsmannen benadrukken dat het VN-Kinderrechtenverdrag geldt voor alle kinderen, en er dus geen onderscheid zou moeten bestaan tussen groepen kinderen. Zij vragen om snelheid en duidelijkheid om de zorg voor deze kwetsbare kinderen te waarborgen.



