De jaarlijkse olijfpluk op de Westelijke Jordaanoever, traditioneel een moment van gemeenschapsgevoel, wordt sinds eind september overschaduwd door een stijgende golf van geweld. Palestijnse boeren, journalisten en zelfs buitenlandse diplomaten staan steeds vaker bloot aan agressie van hard-gearmde groepen die zich achter de term Israëlische kolonisten schuilhouden.
Aanval op de Europese diplomatenconvoy in Taybeh
Op zaterdag vormde een gemengd team van Belgische, Franse en Poolse diplomaten een convoy om deel te nemen aan de olijfolie-oogst in het dorp Taybeh. Het bezoek was bedoeld als een symbool van solidariteit met de lokale bevolking. Terwijl de groep zich door de smalle wegen bewoog, omsingelden gemaskerde individuen, gewapend met stokken, het vehikel. Ze begonnen met het gooien van stenen, waarna een ruit van de auto van de Belgische consul-generaal Anick Van Calster werd ingeslagen. De delegatie kon zich nauwelijks terugtrekken; de Franse burgemeester Bernard Baudoux werd zwaar getroffen en meerdere leden van het team raakten gewond.
Reacties vanuit Brussel en Parijs
De Belgische minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot veroordeelde de aanval krachtig via zijn X-account. Hij benadrukte dat de veiligheid van diplomaten en journalisten niet mag worden ondermijnd door settlers die tijdens een vredige oogstactie geweld uitoefenen. Prévot liet weten dat België zal blijven aandringen op EU-sancties tegen zowel de directe daders als hun eventuele steunpilaren. De Franse burgemeester, die in Taybeh aanwezig was omdat zijn gemeente een vriendschapsband met Taybeh onderhoudt, verklaarde geschokt te zijn: hij had nooit verwacht dat een vreedzaam bezoek zo’n escalerende gewelddadigheid zou opleveren.
Israëlische autoriteiten en bredere context
In een officiële verklaring stelde het Israëlische leger dat er op het moment van de aanval geen militaire eenheden in de buurt waren en dat het bezoek van de consulaire delegatie niet door de strijdkrachten was gecoördineerd. Het leger belooft een onderzoek en benadrukt dat een dergelijke afstemming nodig is om incidenten te voorkomen. Ondertussen meldden Palestijnse bronnen dat in het naburige dorp Abu Fallah ongeveer 80 kolonisten een groep Palestijnse boeren aanvielen, olijfbomen en voertuigen in brand stakend en stenen naar voorbijgangers wierp. De jaarlijkse olijfpluk blijkt een katalysator voor geweld: volgens de Israëlische mensenrechtenorganisatie Yesh Din werden sinds 27 september minstens 170 aanvallen geregistreerd, vier Palestijnen verloren het leven en meer dan honderd raakten gewond.
De escalatie wordt ook gekoppeld aan de naderende Israëlische verkiezingen eind oktober. Organisaties zoals Kerem Navot en Peace Now waarschuwen dat extreemrechtse coalitiepartners van premier Netanyahu en zetelwinnende kolonisten de periode benutten om hun machtspositie te versterken, onder meer door het creëren van “feitelijke gronden” via geweld en terreinafname. Deze strategie zou volgens analisten het voor een eventuele nieuwe regering moeilijker maken om de expansie van nederzettingen in te perken.
De aanval op de Europese diplomatenconvoy onderstreept een breder patroon: niet alleen landbouwers, maar ook journalisten en vertegenwoordigers van buitenlandse staten worden doelwitten. Journaliste Heidi Levine van The Washington Post raakte gewond in een afzonderlijk incident tijdens dezelfde oogstperiode, waarna ze aangaf dat een beschermend vest en helm haar leven hebben gered. Terwijl de internationale gemeenschap haar bezorgdheid uitspreekt, blijft de roep om concrete actie en bescherming van zowel Palestijnse burgers als diplomatieke missies luiden.



